Je thuiswerkplek goed aansluiten: welke kabels heb je echt nodig?

Je thuiswerkplek goed aansluiten: welke kabels heb je echt nodig?

Een fijne thuiswerkplek draait niet alleen om een goede stoel en een groot scherm. Wat je pas merkt als het misgaat, is wat er achter je bureau gebeurt. Een monitor die niet zo vloeiend loopt als beloofd, een beeld dat even wegvalt of een videocall die bevriest precies als jij aan het woord bent. De oorzaak zit vaker in de kabels dan je zou denken.

Ik werk zelf een groot deel van de week thuis, met een laptop, twee monitoren en een vaste verbinding naar de router. Onderweg heb ik genoeg verkeerde kabels uit de la getrokken om te weten waar je wel en niet op hoeft te letten. Goed nieuws: het is minder ingewikkeld dan het lijkt.

In dit artikel lees je welke kabel je het beste gebruikt om je monitor aan te sluiten, wanneer DisplayPort de voorkeur heeft boven HDMI en waarom een vaste internetverbinding beter werkt dan wifi. Ook lees je welke categorie netwerkkabel je nodig hebt en welke fouten je met een paar minuten controle voorkomt.

Waarom de kabels op je bureau ertoe doen

Een kabel maakt je apparatuur niet beter dan die is, maar kan haar wel afremmen. Een monitor van 144 Hz die door een oude kabel op 60 Hz blijft hangen. Een snel internetabonnement dat via een beschadigde netwerkkabel terugvalt naar 100 Mbit/s. In beide gevallen heb je betaald voor prestaties die je niet krijgt.

Je hebt dus geen peperdure kabels nodig, wel de juiste. Op een gemiddelde thuiswerkplek zijn er twee verbindingen die het verschil maken: die tussen je computer en je beeldscherm, en die tussen je computer en het internet. De rest, zoals voeding en USB, wijst zich meestal vanzelf.

Je monitor aansluiten: waarom DisplayPort vaak de beste keuze is

De meeste monitoren hebben zowel HDMI als DisplayPort. HDMI ken je van de televisie en werkt op een monitor prima. DisplayPort is echter ontwikkeld met computers in gedachten, en dat merk je op een bureau.

Wat DisplayPort beter doet op een werkplek

Hogere verversingssnelheden. Veel monitoren halen hun maximale aantal hertz alleen via DisplayPort. Vooral bij iets oudere modellen is de HDMI-poort vaak beperkter.

Adaptive sync. G-Sync en FreeSync zorgen voor vloeiend beeld zonder haperingen. Op veel monitoren werkt dit het best, of alleen, via DisplayPort.

Een stekker die blijft zitten. Grote DisplayPort-stekkers hebben meestal een klikvergrendeling. Handig als je monitor aan een monitorarm hangt en je hem regelmatig verschuift.

Meerdere schermen via één aansluiting. Met DisplayPort kun je in sommige gevallen twee monitoren aan elkaar koppelen. Verderop lees je hoe dat werkt.

Hebben je computer en je monitor allebei een DisplayPort-aansluiting, dan is een goede DisplayPort kabel meestal de meest logische verbinding. Je haalt er zonder gedoe de resolutie en verversingssnelheid uit waarvoor je de monitor hebt gekocht.

Welke DisplayPort-versie heb je nodig?

Op kabels en monitoren zie je vaak een versienummer staan. Dat nummer zegt iets over de bandbreedte, en daarmee over welke resolutie en verversingssnelheid mogelijk zijn.

DisplayPort 1.2 verwerkt tot 21,6 Gbit/s. Dat is genoeg voor 4K op 60 Hz of 1440p op een hoge verversingssnelheid. Voor de meeste kantoormonitoren volstaat dit ruim.

DisplayPort 1.4 gaat tot 32,4 Gbit/s en ondersteunt 4K tot 120 Hz. Met beeldcompressie (DSC) is nog meer mogelijk. Een fijne keuze als je naast het werk ook gamet of een snelle 4K-monitor hebt.

DisplayPort 2.1 haalt tot 80 Gbit/s en zit in de nieuwste monitoren en videokaarten. Kabels voor deze versie dragen vaak een DP40- of DP80-certificering.

Kies een kabel die minimaal dezelfde versie ondersteunt als je monitor en videokaart. Een nieuwere kabel werkt gewoon op oudere apparatuur, dus met een beetje marge zit je ook in de toekomst goed.

Twee monitoren aan één kabel

Met DisplayPort kun je in sommige gevallen twee monitoren achter elkaar koppelen. Dit heet daisy chaining en werkt via MST. Je sluit de eerste monitor aan op je computer en de tweede op de DisplayPort-uitgang van de eerste. Dat scheelt een kabel naar je laptop.

Er zijn wel voorwaarden. De eerste monitor moet een DisplayPort-uitgang hebben, en niet elk besturingssysteem ondersteunt het. Op een Mac werkt daisy chaining bijvoorbeeld niet voor een uitgebreid bureaublad. Een dockingstation is dan een goed alternatief.

Laptop met alleen USB-C?

Veel laptops hebben geen grote beeldaansluiting meer, maar sturen beeld uit via USB-C. Dat gebeurt meestal via DisplayPort Alternate Mode. Je herkent een geschikte poort vaak aan een klein DisplayPort-logo of een bliksemschicht (Thunderbolt) naast de aansluiting.

Met een kabel van USB-C naar DisplayPort krijg je dan dezelfde voordelen als bij een desktop. Controleer wel even in de specificaties van je laptop of de USB-C-poort beeld ondersteunt, want dat is niet bij elke poort het geval.

Waarom je thuiswerkplek een vaste internetverbinding verdient

Wifi is handig, maar aan een vast bureau vaak de zwakste schakel. Muren, vloeren en de netwerken van je buren hebben allemaal invloed op het signaal. Bij het downloaden van een bestand merk je dat misschien nauwelijks. Bij videobellen en het uploaden van grote bestanden wel: haperend beeld, vertraagd geluid of een verbinding die even wegvalt.

Een netwerkkabel heeft daar geen last van. De snelheid is stabiel en de vertraging (latency) is laag en constant. Juist die constantheid maakt een videocall een stuk prettiger. Sinds ik mijn werkplek met een kabel op de router heb aangesloten, hoor ik in overleggen niet meer dat ik “even weg was”.

Staat je router ver van je bureau? Dan kun je een langere kabel trekken of in de buurt van je werkplek een kleine netwerkswitch plaatsen. Zo sluit je meerdere apparaten bekabeld aan via één kabel naar de router.

Welke categorie netwerkkabel kies je?

Netwerkkabels zijn er in verschillende categorieën, en die categorie bepaalt welke snelheid de kabel betrouwbaar kan verwerken. Voor een thuiswerkplek is het verschil kleiner dan veel mensen denken. Dit zijn de categorieën die je het vaakst tegenkomt:

CategorieMaximale snelheidPrima voor
Cat5e1 Gbit/s tot 100 meterGangbare internetabonnementen en bestaande installaties
Cat61 Gbit/s tot 100 meter, 10 Gbit/s tot ongeveer 55 meterNieuwe thuisnetwerken en de meeste werkplekken
Cat6a10 Gbit/s tot 100 meterSnelle glasvezelabonnementen en een netwerk dat lang mee moet

Leg je nu iets nieuws aan, kies dan minimaal voor Cat6. Het prijsverschil met Cat5e is klein en je zit voorlopig goed, ook als je internetabonnement in de toekomst sneller wordt. Let er wel op dat de rest van je netwerk meedoet: een snelle kabel helpt alleen als je router, switch en computer die snelheid ook ondersteunen.

Hoe lang mag een netwerkkabel zijn?

Een ethernetverbinding mag in totaal tot 100 meter lang zijn. Thuis kom je daar zelden aan. Kies een lengte waarbij de kabel niet strak staat en ook niet in grote lussen achter je bureau ligt.

Een losse kabel van je computer naar de router of switch is meestal een patchkabel met soepele aders. Wil je een kabel door muren of plafonds wegwerken, dan gebruik je installatiekabel met massieve aders en sluit je die af op een wandcontactdoos. Zo ligt de vaste kabel beschermd en gebruik je bij je bureau weer een korte, flexibele kabel.

Kleine dingen die het verschil maken

Naast beeld en internet zijn er een paar details die je werkplek een stuk prettiger maken:

Houd beeldkabels kort. Bij hoge resoluties en verversingssnelheden wordt een lange passieve beeldkabel kritischer. Kies een lengte die past, zonder meters overschot.

Werk je kabels weg. Herbruikbare klittenband kabelbinders en een kabelgoot onder je bureau voorkomen een wirwar en voorkomen dat kabels knikken of onder je bureaustoel komen.

Label je kabels. Een simpel labeltje aan beide uiteinden scheelt veel zoeken als je later iets wilt omwisselen.

Gebruik een degelijke stekkerdoos. Een stekkerdoos met voldoende aansluitingen op een handige plek houdt je bureau overzichtelijk.

Veelgemaakte fouten bij het aansluiten van je werkplek

De meeste problemen hebben een eenvoudige oorzaak. Deze kom ik het vaakst tegen:

De monitor draait op 60 Hz terwijl hij meer kan. Na het aansluiten staat de verversingssnelheid niet altijd automatisch op het maximum. Controleer dit in de beeldscherminstellingen van je computer.

De monitor zit op het moederbord in plaats van op de videokaart. Bij een desktop met een losse videokaart sluit je de monitor aan op de videokaart. Anders gebruik je de veel zwakkere ingebouwde graphics.

Een oude kabel uit de la. Een kabel van tien jaar geleden kan de snelheid van moderne apparatuur beperken.

Een beschadigde netwerkkabel. Een geknikte kabel of een kabel die onder een stoelwiel ligt, kan ervoor zorgen dat je verbinding terugvalt naar een lagere snelheid.

Je thuiswerkplek aansluiten in vijf stappen

Begin met kijken welke aansluitingen je computer, laptop en monitor hebben. Sluit je monitor daarna bij voorkeur aan via DisplayPort, of via USB-C met DisplayPort-ondersteuning. Leg vervolgens een vaste netwerkverbinding naar je router of naar een switch bij je bureau.

Controleer na het aansluiten of de resolutie, de verversingssnelheid en je netwerksnelheid kloppen. Werk tot slot de kabels netjes weg, zodat ze niet knikken of in de weg liggen. Een kwartiertje werk, en je hebt er jaren plezier van.

Goede kabels, minder gedoe

Een goed aangesloten werkplek merk je vooral aan wat er niet meer gebeurt: geen haperend beeld, geen wegvallende calls en geen gepuzzel achter je bureau. Daarvoor hoef je geen dure kabels te kopen, zolang de specificaties kloppen.

Een gespecialiseerde kabelshop als Goedekabels.nl maakt die keuze een stuk makkelijker. Je ziet per kabel duidelijk de versie, categorie en lengte staan, zodat je eenvoudig kunt vergelijken en precies kiest wat je nodig hebt. Bestel je op een werkdag voor 16:30, dan wordt je bestelling dezelfde dag verzonden. Zo zit je snel weer aan een thuiswerkplek die gewoon doet wat hij moet doen.

Gerelateerde blogs